Het Vlaamse Puntensysteem is ontwikkeld om prestaties van zwemmers op verschillende afstanden en disciplines eerlijk met elkaar te kunnen vergelijken. Het systeem werkt volgens dezelfde formule en basisprincipes als het puntensysteem van World Aquatics, maar met een belangrijke nuance in de manier waarop de basistijd wordt bepaald.
Het internationale puntensysteem van World Aquatics berekent het puntenaantal van een prestatie op basis van de volgende formule:
P = 1000 x (B/T) ^3
Waarbij:
Een zwemmer die exact het wereldrecord evenaart, behaalt dus 1000 punten. Langzamere tijden krijgen een evenredig lager puntenaantal.
In sommige gevallen zijn bepaalde wereldrecords uitzonderlijk sterk, doordat één atleet een niveau zwom dat ver boven de rest van de wereldtop uitstak.
Voorbeelden zijn het record van Adam Peaty (100m schoolslag) en Katie Ledecky (800m & 1500m vrije slag). Daardoor wordt het moeilijk om prestaties op andere afstanden of in andere disciplines op een eerlijke manier te vergelijken.
Omdat de Vlaamse puntentabellen worden gebruikt voor kwalificatiedoeleinden (zoals limieten voor de Belgische Kampioenschappen), is een genuanceerdere aanpak nodig.
Het Vlaamse Puntensysteem gebruikt dezelfde formule, maar baseert de basistijd (B) niet op één wereldrecord. In plaats daarvan wordt gekeken naar de gemiddelde tijd van de acht beste prestaties ooit, telkens gezwommen door acht unieke atleten.
Dat gemiddelde vormt de Vlaamse basistijd, waarop vervolgens dezelfde berekeningsformule wordt toegepast. Hierdoor ontstaat een stabielere en evenwichtigere puntentabel.
P Vlaams = 1000 x (B Vlaams/T) ^3
Voorbeeld 1 – 100m vrije slag mannen
Vlaamse basistijd = 47.10
Tijd van de zwemmer = 49.00
P = 1000 x (47,10/49,00) ^3 = 1000 x (0,961) ^3 = 888 punten
Voorbeeld 2 – 200m rugslag vrouwen
Vlaamse basistijd = 2:04.90
Tijd van de zwemster = 2:08.50
P = 1000 x (124,90/128.50) ^3 = 1000 x (0,972) ^3 = 918 punten
Dankzij deze aanpak:
Het Vlaamse Puntensysteem is dus objectief, transparant en in lijn met de internationale methodiek, maar verfijnd om het evenwicht tussen disciplines en afstanden beter te waarborgen.