WK zwemmen nabeschouwing

WK zwemmen nabeschouwing

Het WK zwemmen heeft niet gebracht wat we ervan hadden verwacht, we hadden hier moeten scoren, maar een aantal van onze toppers maakte de vooropgestelde doelstellingen niet waar.

Pieter Timmers had hier finale moeten zwemmen, maar was niet in topvorm na een belastend jaar, hier hebben de criticasters een punt.

Louis Croenen zwemt sinds 1 jaar bij een nieuwe trainer en werd uitgeschakeld in de halve finale. Er wordt hard gezocht waar de oorzaken liggen, maar Louis heeft net als Pieter dit jaar ook al mooie tijden laten zien.

We hadden beter moeten pieken, maar mogen deze toppers niet te snel afschrijven. Volgend jaar zijn het de OS, het kampioenschap waar Pieter en Louis vorige keer mee zorgden voor 4 finales en 1 medaille, een knappe oogst voor een kleine zwemnatie.

De jongeren deden het op dit WK zwemmen behoorlijk goed in de estafette. Voor hen was de doelstelling top 12 en een Olympisch ticket, deze vernieuwde ploegen werden 13e en 14e in tijden die zeker gezien mogen worden. Al deze jongeren genoten een deel van hun opleiding in de topsportschool zwemmen, nadat ze gevormd werden in de club, samenwerking heet dit en zo zou het moeten zijn.

Het moet allemaal nog beter en we moeten als bescheiden zwemnatie alles uit het aanwezige talent halen, waarbij we erkennen dat er de laatste jaren te weinig van onze zwemmers de stap naar de wereldtop hebben weten zetten. Dit is een analyse die vandaag de dag in veel Europese landen gemaakt wordt. Vraag het maar na bij onze Noorderburen, eens een van de best presterende landen onder de kleine zwemnaties, nu op het rapport één zilveren medaille op een niet Olympisch nummer. Slechts vier Europese landen speelden een rol van betekenis op dit WK zwemmen: Groot-Brittannië, Rusland, Hongarije en Italië. Allemaal landen met een traditie van hoge trainingsomvang bij de jeugd, waarbij het de regel is dat jongeren van 15 jaar 10 zwemtrainingen van 2u in de week afwerken.

De structuur van de Vlaamse Zwemfederatie ondersteunt ook talenten die zich in de club ontwikkelen, maar als de clubs er niet in slagen om op de leeftijd van 15 jaar minimaal 15u aan te bieden omdat ze onvoldoende zwemwater of trainers hebben, dan biedt het systeem van de topsportschool zwemmen de mogelijkheid om de opgelopen trainingsachterstand bij te timmeren. De resultaten van onze toppers zijn het gevolg van wat we allen doen om de prestaties van onze zwemmers te verbeteren en dit op elk niveau. De realiteit is dat we op dit moment nog niet de prestaties hebben die we allemaal zo graag zouden zien. We hebben goede jeugdzwemmers, zo bewezen de afgelopen internationale jeugdtornooien. Het potentieel is er om te ontwikkelen, maar de weg naar de top is lang en moeilijk. De realiteit is ook dat we er enkel gaan komen als de neuzen in dezelfde richting komen te staan.

Technisch Directeur VZF
Koen Van Buggenhout